Ik heb te doen met Wesley Verhoek. Onze fiere aanvaller heeft afgezien van een transfer naar het gerenommeerde Nottingham Forest. Een mooie toekomst en vele Engelse ponden lagen in het verschiet, maar een stemmetje in hem protesteerde tegen het verlaten van de vertrouwde omgeving achter de Haagse duinen.
Daar kan ik inkomen. Als kind liepen mijn logeerpartijtjes ook geregeld uit op een teleurstelling. Zelfs al was het bij een buurjongetje in het portiek. Hoe dichter het moment nabij kwam, hoe beroerder ik me begon te voelen. En was het eenmaal zover dan stond ik in no time weer thuis voor de deur, meestal in pyjama.
Zo is het de afgelopen tijd natuurlijk ook met onze Wes gegaan. Nadat hij had bedankt voor FC Utrecht kwam er belangstelling uit Glasgow en Nottingham. De koning van de assist kreeg het Spaans benauwd, maar wilde zich niet laten kennen. Zijn broertje was het toch ook gelukt daar in het verre Frankrijk, bij Rennes.
Maar de twijfel sijpelde al door in zijn spel. Hoe hij zijn best ook deed, hij kwam nauwelijks nog een verdediger voorbij. Behalve de tegenstander was er ook nog een onzichtbare horde die hij moest nemen. Eerst dacht ik dat hij al met zijn hoofd in Engeland zat. Uiteindelijk was dat ook zo, maar op een minder positieve manier.
Ik zie hem al lopen begin deze week in die stad in de verlaten Midlands. Dreigende wolkenluchten en de geur van fish and chips en van verschraalde pinten lauw bier. Mensen die geen gewoon Engels praten maar met een raar, onverstaanbaar accent. Plotseling krijgen die rood-witte clubkleuren iets engs en lijken de tanden van trainer Steve McClaren veel geler dan ze al zijn.
Vandaag hoorde ik in de supermarkt twee vakkenvullers erover praten. ,,Heb je het al gehoord? Verhoek blijft….. heimwee’’, zei de één. ,,Echt? Maar dat kost ADO 2,5 miljoen. Wat stom zeg’’, antwoordde zijn vrouwelijke collega. Ze was van dat geld goed op de hoogte en drukte met die opmerking nog eens extra op de pijnlijke plek.
Geld is hier echter onbelangrijk. Denkend aan Nederland zag Verhoek vertrouwde regenbuien vallen in een groengeel landschap met witte ooievaars. Het Haags gebrabbel van Maurice Steijn klonk hem als engelengezang in de oren. Thuis stonden moeders borden vol gekookte bloemkool te dampen en in vaders zaak lagen bergen groente en fruit te wachten om met grote messen in fijne mootjes te worden gehakt.
De tragiek van de heimweelijder is dat dit soort verlangen bij thuiskomst oplost als een lijk in een bak met zuur. Wat daarna overblijft is een gevoel van schaamte, ik weet het uit ervaring. Je wil alles zo snel mogelijk vergeten en overgaan tot de orde van de dag. Doen alsof er niks is gebeurd.
De orde van de dag ligt natuurlijk in Den Haag. Dus Wesley, begin alsjeblieft ook niet aan een avontuur in dat afgelegen Amsterdam. Ze praten daar ook heel vreemd en zingen liedjes op de accordeon. Ook Vitesse is niks. Het is bijna-Duitsland, waar het woord heimwee is uitgevonden.
Blijf lekker bij ons. Wij, de jou welbekende Haagse supporters, hebben het met geen woord meer over die mislukte logeerpartij in Engeland. En na elke mooie sprint en even prachtige voorzet, sluiten we je als een verloren zoon in de armen.